Doornik


Het idee om elkaar nog eens terug te zien was al een paar maanden aan het rijpen en de week na het bezoek aan de tentoonstelling "Big in Japan" was het dan zover: PC, P-R T en ikzelf zagen elkaar medio juli na verschillende jaren nog eens met z'n 3'en terug. De vierde man was er (helaas??) niet meer bij en dat zal vermoedelijk ook niet meer gebeuren; het ziet ernaar uit dat hij definitief de banden verbroken heeft met ten minste 2 van ons, en mogelijk zelfs de 3de. Tja, jammer misschien/wellicht maar het is niet anders en bij de pakken blijven zitten, zal ook niet helpen.

Dus we spraken met elkaar af; van de drie mogelijke steden viel de keuze uiteindelijk op Doornik. Tijdens hun jeugd min of meer de thuisstad van de twee anderen en ik was er nog nooit geweest (althans niet in het centrum). Bovendien woont PC er sinds eind vorig of begin dit jaar. Dus die lag een beetje voor de hand. 
Hoewel ze er niet woonden tijdens hun jeugd, deden ze hun humaniora er wel in het plaatselijk atheneum.

Na enig gepieker over hoe ik er naartoe zou gaan, opteerde ik uiteindelijk gewoon voor de trein en dat bleek geen vergissing. Een dik uur probleemloos sporen tussen Brussel en Doornik, zowel heen als terug. Het gaf me ook de gelegenheid het voorbij glijdende landschap wat te bekijken en, zeker vanaf Ath, gaf dat eigenlijk wel zin om de streek eens per fiets te verkennen. Met de Moto Guzzi zou waarschijnlijk ook wel leuk zijn, maar dan moet je je toch aan wat meer regels houden dan met een fiets en is het toch wat omslachtiger om om de haverklap te stoppen of zomaar een straatje/steegje in te draaien. Zou het dan toch geen slecht idee zijn om toch maar die elektrische fiets aan te schaffen?


De weg van het station naar het appartement van PC bleek niet al te ingewikkeld. Richting Schelde, die oversteken en dan op een plein niet zo heel ver van het Belfort.
Tijdens ons bezoek vertelde hij ons bovendien terloops dat hij het appartement waarin hij woonde en dat hij oorspronkelijk huurde uiteindelijk had gekocht. De vorige eigenaar wilde er blijkbaar van af en PC zag zijn kans schoon. Het deed ons echt plezier voor hem om dat te horen; het is een groot appartement (toch vergeleken met het mijne), vrij modern ingericht en ogenschijnlijk goed in orde; een groot contrast met de meeste appartementen waarin hij voorheen had gewoond.

Ik kwam het eerst aan en kreeg een korte rondleiding en wat uitleg over Doornik en omgeving. P-R T arriveerde wat later en samen trokken we de stad in om er wat rond te kijken en ook iets te eten te zoeken. Daarbij bleek P-R T een goede gids; hij diste allerlei weetjes op al speelde zijn geheugen hem soms toch ook wat parten. Het Belfort hebben we niet beklommen en na een klein uurtje wandelen en rondkijken in rustige straten en ook een kerk besloten we uiteindelijk maar iets te gaan eten op de Grote Markt van Doornik; het was dan al ruim na het middaguur.
Voor mij werd het gewoon een mosselschotel, net als voor P-R T, maar elk een lichtjes andere variant (ik marinière, hij met witte wijn dacht ik). Bij het opdienen kon geen van ons beide zeggen of we elk al dan niet de juiste mosselpot hadden gekregen... De maaltijd spoelde ik door met een Paix Dieu, een bier dat een collega van het werk me begin dit jaar had leren kennen toen we in Hotel Espérance waren beland.

Na dat culinair intermezzo werd de wandeling voortgezet en bezochten we de beroemde kathedraal van Doornik. Onder meer kenmerkend eraan: zijn 5 torenspitsen; ze is heel groot en imposant, dat binnen nog deels in de steigers staat wegens (jarenlange) renovatiewerken. Daardoor kan niet alles worden bezichtigd maar niettemin loont het toch de moeite ze ook vanbinnen te bekijken.


Vandaar wandelden we terug richting het appartement van PC maar i.p.v. daar binnen te gaan vertrokken we met de auto richting Kain, waar P-R T heel zijn jeugd woonde en zijn vader nog steeds (of opnieuw?). Het ligt vlakbij Doornik maar is toch al landelijk gebied, al zou het volgens P-R T toch al aanzienlijk veranderd zijn t.o.v. wanneer hij er zijn jeugd doorbracht (onder meer verschillende smaakloze villa's die erbij zijn gekomen). Hij sprak er toch met enige genegenheid over en toonde ons ook nog de plek waar Laetitia Delhez door Dutroux ontvoerd werd toen ze van huis naar haar 5 of 10 minuten verder gelegen school fietste. 

Vervolgens reden we naar Mont-Saint-Aubert, een op haast 150m hoogte gelegen dorpje dat ook vanop PC's terras duidelijk te zien is. Deze heuvel domineert een beetje het plaatselijke landschap en vormt blijkbaar al lang een toeristische trekpleister. Na een drankje op het terras van de plaatselijke Floreal vonden we het wel welletjes geweest en werd het tijd om weer naar Doornik zelf te gaan, te meer daar P-R T ons graag nog wat "ballons noirs de Tournai" had doen kopen bij een van de weinige bakkers die deze lokale specialiteit bereiden en verkopen: Pâtisserie Quenoy. De vitrine zag er in elk geval veelbelovend uit met al het lekkers dat erin uitgestald was. Helaas waren de ballons uitverkocht, want een of twee dagen later zouden ze enkele weken met verlof gaan... 
Omdat de patisserie vlakbij het station gelegen was en de trein naar Brussel op het punt stond te vertrekken (1 per uur), besloot ik maar meteen afscheid te nemen van beide maten en een sprintje in te zetten naar het station. De trein haalde ik nog.
In plaats van Doornikse ballons heb ik in Brussel dan maar oliebollen gekocht op de Zuidfoor, bij een collega die zo'n kraam heeft als bijverdienste.

Doornik kwam op mij over als een aangename stad om te bezoeken; het was er die dag helemaal niet druk qua volk, relatief weinig auto's in heel wat straten in die mate dat je soms gewoon in het midden van de straat kon gaan staan. En toch enkele bevallige dames gezien ook.
Het was een fijne dag waarin zo goed als alles meeviel: het weer, de reisweg, het gezelschap en de uitleg van beide heren die gretig herinneringen ophaalden aan hun verleden in Doornik (en voor PC opnieuw het heden). Veel (geslaagde) foto's heb ik wel niet kunnen nemen, want we zijn nooit meer dan een paar seconden op dezelfde plek blijven stilstaan. Opvallend wel dat de twee gebouwen die we echt bezocht hebben een kerk en kathedraal waren; en dat voor 2 notoire ongelovigen. Ze verloochenen dus hun culturele erfgoed niet 😁
De uitstap heeft m ook weer aan het mijmeren gezet over de aankoop van een elektrische fiets, want het moet wel aangenaam zijn om die streek ook met de fiets te verkennen, of eventueel met de motorfiets. M'n Moto Guzzi zou zich daar nog relatief goed toe lenen.

Nog een foto van de knekelput in Mont-Saint-Aubert. Mooi dat daar vele levensovertuigingen een plekje kregen.




Reacties

Populaire posts van deze blog

Honey Wilder (en toch ook Kay Parker)

Poule et Poulette

Flamenco